
Wanneer je in rubriek A op het teamlidblad OOP álle arbeidsuren in werkdagen inroostert, houd je dezelfde systematiek aan als bij het OP en OOP mét lesondersteunende taken. Dit betekent dat ook de uren van het PDI-budget bínnen de plaats- en tijdgebonden ingeroosterde arbeidsuren vallen.
Bij het OOP als een conciërge of administratief medewerker, is het vaak duidelijker om alleen de uren voor de werkzaamheden plaats- en tijdgebonden in te roosteren en de uren van het PDI-budget erbuiten te laten.
De ingeroosterde uren voor de werkzaamheden worden dan geacht op school te worden doorgebracht met de werkzaamheden, en de overige uren van het PDI-budget worden buiten die ingeroosterde werkdagen op eigengekozen plaats en tijd ingevuld met de daarbij passende activiteiten.
Vul eerst in rubriek F de uren in die extra worden gewerkt buiten de vaste werkdagen, in de vakanties of ’s avonds. In het voorbeeld hierboven zijn dat 24 uuren van de drie dagen in de vakantie.
Kijk je voordat je rubriek A invult eerst in rubriek I (de opbouw van de jaartaak) hoeveel uren bestemd zijn voor de werkzaamheden. In bovenstaand voorbeeld is dat dus 916 uur (rubriek J). Na inroostering van 916 uur, blijven dan precies 74 uur over voor het PDI-budget.
Verdeel in rubriek A de arbeidsuren nu zó over de vaste werkdagen, dat het totaal aan ingeroosterde arbeidsuren in J zoveel mogelijk overeenkomt met het aantal uren voor de werkzaamheden. Wanneer daarbij de ingevulde dagelijkse arbeidstijden op hele of halve uren of kwartieren worden afgerond, zal er doorgaans een klein verschil overblijven dat je in E of F corrigeert (zie voorbeeld hierboven in E).